« Paris Tasting: Frankrijk van z'n voetstukKerststress: feestelijke wijn »

DE ZIN EN ONZIN VAN VIN NATUREL

1

okt

2018

Ga in Parijs op zoek naar wijn en je hebt grote kans dat je moet kiezen tussen óf generieke slobberwijn met bekende namen als Chablis of Rhône, of wijn die in ongeveer alles de tegenpool is: vin naturel. Weet je bij de eerste categorie precies wat je krijgt, bij ‘natuurwijn’ kom je meestal voor verrassingen te staan - leuke, maar ook onaangename.

Vin naturel: de naam verraadt al veel. Makers propageren een ‘pure’ wijn met zo weinig mogelijk technische interventie. Dus geen bestrijdingsmiddelen en zoveel mogelijke handwerk in de wijngaard, en geen moderne fratsen om de smaak te sturen in de kelder. En: geen of zo weinig mogelijk sulfiet, het conserveringsmiddel dat verplicht op iedere etiket staat omdat sommigen er allergisch voor zijn.

De vin naturel-beweging begon begin jaren tachtig in Beaujolais, waar een handvol wijnboeren het anders wilde dan hun ouders hadden gedaan. De ‘Bende van Vijf’ begon van de plaatselijke gamay-druif wijnen zonder sulfiet te maken.
[05-02-19] vin_naturel_1_500.jpgHet lijkt misschien ironisch, dat juist in Frankrijk, dat wereldwijd wordt gezien als het grote wijnvoorbeeld, een radicale tegenbeweging ontstond. Verklaarbaar is het wel. Binnen de Franse agrarische sector belanden relatief veel bestrijdingsmiddelen in de wijngaarden. En met een stevige wijnlobby valt het niet mee langgekoesterde praktijken met bijvoorbeeld wetgeving te veranderen.

Niet zo raar dat de nieuwe wijnen, na aanvankelijke scepsis, in goede aarde vielen bij topgastronomen die ook op het bord kiezen voor pure, biologische, duurzame, ambachtelijke ingrediënten. Na avontuurlijke sommeliers in Parijs kozen ook steeds meer toonaangevende restaurants elders, zoals Noma in Kopenhagen en Hibiscus in Londen, voor ‘natural wine’ op de kaart.

Na een avond gewone wijn drinken had hij vaak last, vertelt Michiel ter Heide, die elf jaar geleden met Vleck Wijnen natuurwijnen naar Nederland begon te halen. ‘Slapeloze nachten, ruzie zoeken, niet leuk.’ Geen kater, geen hoofdpijn is een vaak gehoord argument van wijndrinkers om voor vin naturel te kiezen. In de loop der jaren zag Ter Heide de vraag toenemen: nu schenkt ook veel Amsterdamse horeca natuurwijnen.

Maar, zoals dat gaat met trends: je krijgt ook rotzooi op de markt. Kost het een wijnmaker sowieso jaren om het vak onder de knie te krijgen, werken zonder middelen die een wijn stabiliseren, conserveren en helder maken, vergt misschien nog wel meer kennis en geduld.
[05-02-19] cave_de_belleville_3_500.jpg

La Cave de Belleville



Natuurwijnen zijn doorgaans ongeklaard en ongefilterd en dus troebel, wat een rul mondgevoel geeft. In het beste geval hebben ze levendige, expressieve smaken met fijne bittertjes. Maar ze kunnen ook wee en muf ruiken, geoxideerd zijn en associaties oproepen met flauw rabarbersap, waar je met moeite het eerste glas van leeg krijgt.

Anders dan biologische en biodynamische wijn is er voor het inmiddels internationale fenomeen ‘vin nature’, ‘natural wine’, ‘naked wine’, ‘raw wine’ nog geen sluitende definitie, laat staan certificering.

Aan de andere kant: ook op de conventionele wijnmarkt kom je veel ellende tegen: industrieel gemaakt, generiek spul dat van overal en nergens kan komen.

Dat is zijn punt, zegt Paul Witte, die in 2014 in Amsterdam de in vin naturel gespecialiseerde wijnbar Glou Glou opende. ‘Voor € 3,- de fles kun je geen wijn verwachten.’ Al helemaal geen wijn die iets zegt over afkomst of terroir. Witte schenkt zijn wijnen dan ook met de bredere maatschappelijke overtuiging dat ze het tegenovergestelde zijn van wat de westerse voedsel-en drankproduktie vaak voortbrengt.

‘Onze wijnen zijn geen massaprodukten: ze worden kleinschalig gemaakt, dragen niet bij aan verontreiniging en overproduktie én je betaalt als consument een reële prijs.’


Nu hebben vin naturel-aanhangers in hun enthousiasme voor hun ‘oerwijn’, en hun aversie jegens de vele technische inzichten en wetenschappelijke kennis die de 20e eeuw de wijnindustrie heeft opgeleverd, soms de neiging om te overdrijven. En om alle conventionele wijn, en smaken waar we de afgelopen decennia aan gewend zijn geraakt, op één hoop te gooien. En om wijnmakers die wel hulpmiddelen in de kelder inzetten, af te doen als belazerzieke charlatans.
[05-02-19] glou_glou_1_500.jpgGlou Glou, Amsterdam



Dat maakt het er voor de vertwijfelde wijnliefhebber niet makkelijker op: is iedere conventionele wijn het equivalent van de plofkip? Welnee. Loop een serieuze wijnwinkel binnen en je kunt er duurzaam, kleinschalig gemaakte wijn vinden van vaak biologisch werkende (maar lang niet altijd gecertificeerde) boeren die met degelijke prijzen iets zeggen over hun ambities en die van hun beoogde publiek.

Tegelijkertijd laten we hopen dat de vin naturel-beweging een blijvend effect zal hebben op de internationale wijnindustrie. Paul Witte: ‘Minder sulfiet, groener werken, goede wijn maken én die verkopen, de vin naturel-makers hebben laten zien dat het kan.’

Meer vin naturel:

La Cave de Belleville in Parijs (51 Rue de Belleville, 19e arrondissement) is wijnwinkel en bar ineen. Tot aan het plafond staan de flessen natuurwijn opgetast. Ga ergens tussen de dozen zitten en je krijgt prima wijn ingeschonken en uitstekend eten geserveerd. www.lacavedebelleville.com

Ook bij Glou Glou kun je drinken én kopen. De knusse vin naturel-bar & winkel in een hoekpandje in de Amsterdamse Pijp heeft vrolijk, kundig personeel dat je graag van alles laat proeven en lekkere hapjes voorzet.
Tweede van der Helststraat 3. www.gouglou.nl

Vleck Wijnen was er vroeg bij met de import van vin naturel uit Frankrijk (en Italië en Spanje). De importeur levert aan horeca in heel Nederland en heeft naast een winkel in Amsterdam (Eerste Helmersstraat 63) nu ook een Vleck in Utrecht (Blauwkapelseweg 17). www.vleck.nl


© RdL

Leven in Frankrijk
#5 najaar 2018