ARCHIEF

2019

2018

2017

2016

2015

2014

2013

2012

2011

2010

2009

2008

2007

2006

2005

2003

2002

2001

2000

1999

1998

1997

« Sauvage ****Nu verandert er langzaam iets **** »

EXIT: EEN LEVEN NA EXTREMISME

14

mrt

2019

Als je je ooit hebt aangesloten bij een extremistische beweging, kun je dan nog weg? In de documentaire ‘Exit’ stelt de Noorse, voormalig rechts-extremistische Karen Winther, lastige vragen. Aan zichzelf en aan anderen die een verleden als links-extremist, neonazi, of radicaal islamist van zich af proberen te schudden.

Een doos vol neonazi memorabilia: boeken, vlaggen, kledingstukken met hakenkruizen. Karen Winther was als tiener gehecht aan deze spullen. Twintig jaar later komt ze de doos bij een verhuizing weer tegen. Zo lang geleden. En toch blijft het verleden haar achtervolgen. Hoe doen anderen dat?

Ze gaat op reis om mensen te spreken die hetzelfde hebben meegemaakt als zij. Het levert een prachtig meanderende film op langs opmerkelijk openhartige lotgenoten die vertellen hoe dat is, leven met extreme denkbeelden waar je niet meer in gelooft.

Op haar vijftiende was ze extreem-links, een jaar later sloot ze zich aan bij extreem-rechts, vertelt Winther in de film. Ideologische overtuiging was, achteraf gezien, niet de belangrijkste reden om zich te omringen met kaalgeschoren radicalen die naar opruiende Viking rock luisterden. Als kind werd ze gepest, voelde zich onzichtbaar, al op jonge leeftijd werd ze aangetrokken tot buitenbeentjes en duisterheid.

Winther is niet op zoek naar excuses. Wel naar zelfinzicht. Ze blikt terug op haar leven met de Noorse oprichter van Project Exit. Sinds 1997 helpt deze organisatie radicalen die uit hun extremistische omgeving willen stappen. Winther was een van de eerste cliënten.

Exit-programma’s vind je nu in meerdere Europese landen. Robert Örell, niet te zien in de film, is hoofd Exit Zweden. Als tiener met problemen op school sloot hij zich aan bij black metal en andere subculturen, om vervolgens lid te worden van een neonazibeweging. ‘Eindelijk hoorde ik ergens bij. En had ik een doel: revolutie!’, vertelt hij telefonisch vanuit Zweden. Het gaf Örell waar hij zo naar verlangde: een gevoel van veiligheid. ‘Je gedachten, emoties, gedrag, je smaak in kleding en muziek: alles is voorgeschreven. Ineens had ik geen twijfels meer. Heerlijk! De groep bood mij het hele pakket.’

Rond zijn negentiende, Örell diende inmiddels in het leger, veranderde dat. ‘Ik was gestopt met drinken, begonnen met sporten. Mijn gevoel van eigenwaarde groeide. Ik denk dat ik de beweging minder nodig had.'
[16-03-19] exit_robert_orell.jpg



voormalig rechts-extremist Robert Örell werkt nu voor Exit Zweden

Die persoonlijke groeicurve ziet hij nu als hulpverlener vaak terug: tieners die zich in een levensfase vol twijfel en gezoek naar identiteit aansluiten bij een radicale beweging. ‘Je zult weinig 25-jarigen tegenkomen die dat doen. Maar: niet iedereen stapt er rond zijn twintigste uit. Sommigen blijven als dertiger, zelfs veertiger. Voor hen wordt weggaan steeds moeilijker. Ook hun volwassen leven is dan bepaald door de groep.’

Een radicale beweging verlaten is een complex, traag en taai proces, zegt Örell. ‘Hoe maak je je los van gedachten die zo intens door een groep zijn bepaald? Je moet als het ware een heel nieuwe identiteit opbouwen, met nieuwe sociale vaardigheden en nieuwe relaties met vrienden en familie. Het is een proces van járen.’

Dan nog: het verleden gaat niet zomaar weg. In de film ‘Exit’ zien we hoe een Duitse voormalige rechts-extremist eindelijk zijn leven een beetje op orde lijkt te hebben: de geboorte van zijn dochter maakt veel moois in hem los. Totdat hij in conflict raakt met de buren die iets over zijn vroegere leven te weten zijn gekomen, en hij halsoverkop moet verhuizen.

Exit Zweden werkt veel met formers zoals Örell, verlaters die hetzelfde hebben meegemaakt. Örell: ‘Ze fungeren als rolmodel, ervaringsdeskundige, als begeleider die niet oordeelt.’ Daarnaast is er een ruim netwerk nodig van hulpverleners als psychologen, sociaal werkers, juristen, financieel experts. En, niet onbelangrijk: tatoeëerders. Loyaliteit aan een extremistische ideologische groep tonen leden dikwijls met symbolische tatoeages. Wie afstand doet wil dolgraag af van een swastika op de borst of rug.

The Guardian publiceerde onlangs een ontroerend verhaal over tatoeëerders die hun tijd hiervoor gratis ter beschikking stellen. Örell: ‘Ja, heel mooi. Ook wij werken met tatoeëerders en laserklinieken die tatoeages kunnen weghalen of bedekken.’ Zelf had hij geen tatoeages: hij wilde het leger in. ‘Daar ben ik nu zo blij om.’

Naast persoonlijke groei kan de buitenwereld een radicale activist op andere gedachten brengen. In de film ‘Exit’ noemen meerdere mensen het fenomeen unexpected kindness, onverwachte vriendelijkheid. Een Duitser met een grondige afkeer van Turkse immigranten belandde na geweldpleging in de gevangenis. Daar werd hij tijdens een ruzie een keer geholpen door een Turks-Duitse medegevangene. ‘Apen helpen mensen?!’ Hij was stomverbaasd. De eerste twijfel over zijn zwart-witte overtuigingen was gezaaid.

Ook de Amerikaanse Angela King, te zien in de film, werd in de gevangenis geconfronteerd met haar eigen denkbeelden. Van familieleden vernam ze dat een lokale krant een artikel over haar zaak zou publiceren. Achter tralies, omgeven door vrouwen met verschillende culturen en huidskleuren die de reden van haar detentie niet kenden, bevond King zich in een penibele situatie.

Op de dag van verschijnen gebeurde er iets wonderlijks. Een medegevangene op de postafdeling verstopte de krant, voordat iemand het artikel had kunnen zien. Een Jamaicaanse vrouw. ‘Het bracht me compleet van m’n stuk. Dat had ze niet hoeven doen’, zegt King telefonisch vanuit het zuidoosten van de Verenigde Staten.

Nu, jaren later, kan ze er nog emotioneel van worden. ‘Ik zou niet zijn wie ik nu ben zonder dat soort vriendelijkheid.’ King is medeoprichter van Life After Hate, een met Exit vergelijkbare organisatie die verlaters begeleidt.
[16-03-19] exit_angela_king.jpgAngela King in de film 'Exit'

Vriendelijkheid. Het klinkt zo simpel. Dat vindt Örell ook. Maar dat is het niet. ‘Het is maar hoe je de wereld om je heen bekijkt. Als je alle dagen hoort dat immigranten de oorzaak van alle problemen zijn, als je je omringt met boze kameraden die allemaal hetzelfde roepen, dan sta je niet open voor de mogelijke vriendelijkheid van mensen die je zegt te verafschuwen.’

Misschien komt vriendelijkheid pas aan wanneer je het durft te herkennen. En misschien is daar eerst groei voor nodig. Deel uitmaken van een radicale groepering met een revolutionaire, gewelddadige agenda betekent: overtuigd zijn van een heilige zaak, zo legt Örell uit. ‘Je voelt je uitverkoren, je gelooft in je eigen superioriteit. Zo ontmenselijk je anderen: ze worden vijanden. Dat dehumaniseren valideert het gebruik van geweld.’
Ongeacht links-, rechts- of religieus gefundeerd extremisme, dit sociale proces vindt plaats binnen alle radicale groeperingen.

Daar kan iets tegenover komen te staan: rehumanisering. Dat is hoe King nu haar detentieperiode zou omschrijven. ’In de gevangenis mocht ik klassen begeleiden, verplicht voor gevangenen die geen schooldiploma hebben. Ik merkte dat de docente nauwelijkse werkte met zo’n drie, vier vrouwen achterin. Analfabeten, zo bleek. Hun eigen naam konden ze niet schrijven, de brieven die ze kregen toegestuurd konden ze niet lezen. In de acht jaar dat ik lid was van een extreem-rechtse beweging was ik alleen maar bezig met: hoe moeten wij, blanken, ons verdedigen? Nu zag ik hoe bevoorrecht ik was: ik was wél naar school gegaan, en kwam níet uit een arm, gekleurd gezin. Ik heb gevraagd of ik ze mocht helpen leren lezen. Dat was voor mij een groter geschenk dan voor hen, vind ik.’

In de gevangenis veranderde Kings kijk op het leven diepgaand. ‘Ik had verwacht voor mijn dertigste dood te gaan.’ In plaats daarvan werd ze weer mens.
[16-03-19] exit_deense_ex_voorlichting.jpgEen Deense voormalige extremist geeft voorlichting op scholen, in de film 'Exit'

Extremisme en deradicalisering: hoe is de situatie in Nederland? Extreem-links is bescheiden van omvang, extreem-rechts is veelal versplinterd en manifesteert zich anders dan in omringende landen, observeert Maarten van de Donk, beleidsadviseur gespecialiseerd in preventie van radicalisering voor Radar, bureau voor sociale vraagstukken.

‘In Scandinavische landen en Duitsland is extreem-rechts een hardnekkig en langdurig fenomeen, met revisionistisch teruggrijpen op nazi-ideologieën en allerlei bijbehorende symbolen. In Engeland en Nederland komt extreem-rechts met kleine golven, in reactie op de actualiteit.’

Met ‘11 september’, de moord op Theo van Gogh, Wilders’ film ‘Fitna’ zaten beleidsmakers bovenop vraagstukken rond radicalisering. Na een iets rustiger periode zorgden de Arabische Lente, de oorlog in Syrië en terroristische aanslagen zoals in Parijs voor nieuwe spanningen in de samenleving.

Waar programma’s als Exit in andere landen een langere continuïteit kennen, daar is de hulpverlening in Nederland dan ook incidenteler, zegt Van de Donk (‘voor de goede orde: ik ben geen former’). En: naast landelijke steunpunten ligt preventie van radicalisering en hulp bij deradicalisering voor een groot deel bij gemeenten. ‘Wij zijn een land van lokale expertise en aanpak.’

Een nieuwe urgente actualiteit zijn IS-strijders die willen terugkeren naar Nederland en andere westerse landen. Hoe daarmee om te gaan? Moet vriendelijkheid onderdeel zijn van een strategie? Dat ligt er maar net aan, vindt Van de Donk. ‘Willen IS-strijders terug omdat ze elders in het nauw zijn gedreven, of omdat ze hier willen zijn? En: staan ze open voor vriendelijkheid?’

Los daarvan is Van de Donk, die met zijn werk regelmatig in gevangenissen komt, ervan overtuigd dat de staat en hulpverleners correct moeten omgaan met geradicaliseerden, en extremistische gedetineerden. ‘Dat kan heel lastig zijn, zeker wanneer zij de staat niet erkennen. Maar de valkuil is zeggen: dan accepteer ik jou ook niet.’
In de film ‘Exit’ vertelt een Franse islamististische radicaal hoe beduusd hij was toen hij na zijn arrestatie niet werd gemarteld maar een advocaat kreeg. ‘Dat zette me aan het denken.'

Om mensen uit een radicaal milieu te krijgen speelt vriendelijkheid wel een rol, denkt Van de Donk. ‘Dat zit ‘m niet in een koekje bij de thee, maar in serieuze aandacht schenken en afspraken maken die jij zelf consequent nakomt. Kortom betrouwbaar zijn. Soms hebben mensen zo’n verwrongen beeld van de mensheid dat ze verbaasd zijn wanneer iemand gewoon goed doet.’

En daarmee zijn we misschien wel terug bij de veiligheid, geborgenheid en sociale acceptatie waar Karen Winther, Robert Örell en Angela King ooit zo naar verlangden.

Natuurlijk ligt het voor de hand om over voormalige IS-strijders te denken: die zullen nooit veranderen, zegt King. ‘Ik was jarenlang met alles en iedereen in gevecht. En ik wist zeker dat dat altijd zo zou blijven. Nu zie ik dagelijks in mijn werk dat mensen die willen veranderen, kunnen veranderen. Ik ben veranderd.’

‘Exit’ is te zien tijdens het Movies that Matter Festival, 22 – 30 maart in Den Haag.


© RdL
Trouw
14 maart 2019