ARCHIEF

2019

2018

2017

2016

2015

2014

2013

2012

2011

2010

2009

2008

2007

2006

2005

2003

2002

2001

2000

1999

1998

1997

« Goud - Niek Koppen overMijke de Jong over Het Zusje van Katia »

PAUL NEWMAN 1925 - 2008

29

sep

2008

[10-01-09] paul_newman.jpgDie ogen. Diepliggend, met iets hangende oogleden en een intense lichtblauwe helderheid die je na één keer zien niet meer vergeet. Het klinkt misschien oneerbiedig voor een man met een voorbeeldig Hollywoodoeuvre, maar het zijn die ogen waar je het eerst aan denkt bij de afgelopen zaterdag op 83-jarige leeftijd aan kanker overleden acteur Paul Newman.

Dat oeuvre omvat oude klassieker als ‘Cat on a Hot Tin Roof’, ‘Hud’, ‘Butch Cassidy and the Sundance Kid’ en recentere films als ‘The Verdict’, ‘The Hudsucker Proxy’ en ’Cars’, (waaraan hij zijn stem verleende). Paul Newman was één van de grootste filmacteurs van de generatie die professioneel opgroeide in het naoorlogse studiosysteem en method acting tot een begrip maakte. [10-01-09] road_to_perdition.jpgTot op hoge leeftijd kon hij simpelweg met zijn aanwezigheid een film tegelijkertijd verlichten en verzwaren. Van de in regen en duisternis gedrenkte ‘Road to Perdition’ (2002) bijvoorbeeld maakte hij een feestje met zijn bijrol van een even charismatische als onverbiddelijke maffiabaas.
Of hij met zijn lage stem en atletische lijf (dikwijls ontbloot) nu een bokser, advocaat, outlaw, ijshockey coach, gevangene, houthakker, architect of onderwereldfiguur speelde, Newmans mannen waren non conformistische, stijlvolle, grappige loners die boosaardigheid en charme makkelijk in zich konden verenigen.

Paul Leonard Newman werd geboren op 26 januari 1925 in Ohio als tweede zoon van Hongaarse immigranten. Zijn vader, Arthur Newman Sr, had een succesvolle zaak in sportgoederen[10-01-09] newman_zww.jpg die het gezin zonder al teveel moeite tijdens de Depressie in een keurige suburb van Cleveland liet wonen.
Zijn moeder Theresa stimuleerde de kleine Paul in zijn eerste acteerambities, maar toen hij zich als jongeman na enkele omwegen toelegde op het theater, was vader Arthur teleurgesteld dat zijn zoon niet in de familiezaak kwam. Zijn vaders vroegtijdige dood in 1950 beroofde Newman van de mogelijkheid te laten zien dat hij als acteur op zijn pootjes terecht zou komen, ‘een van de grote kwellingen van mijn leven’, zoals hij later zei.

[10-01-09] newman_sigaret.jpgEr kwam schot in zijn carrière met Broadway- en televisierollen en zijn aanmelding bij de fameuze Actor’s Studio in New York, maar tot Newmans frustratie liep hij rollen mis in ‘On the Waterfront’ en ‘East of Eden’. Zijn fysieke schoonheid bleef zijn hele leven lang veelbesproken, maar voor broeierige, psychologisch complexe rollen moest hij aanvankelijk voorrang verlenen aan Marlon Brando en James Dean, op dat moment net iets grotere sterren. [10-01-09] newman_makeup.jpg
Met ‘Somebody Up There Likes Me’ maakte Newman in 1956 eindelijk een serieuze entree in de filmwereld. Onder regie van Robert Wise speelde hij de New Yorkse bokser Rocky Graziano die zich met vechten had ontworsteld aan een armzalige jeugd. Newman mocht tot zijn genoegen zijn pretty face veelal schuil laten gaan achter opzwellingen en bloed en kreeg lovende kritieken. Method actor als hij was, hield hij naar verluidt aan de rol ook een grover taalgebruik en de gewoonte op straat te spuwen over.

[10-01-09] cat_hot.jpgHet valt niet mee een hoogtepunt aan te wijzen in Newmans rijke portfolio. In de filmbewerking van Tennessee Williams’ ‘Cat on a Hot Tin Roof’ (1958) speelde Newman een levensboze, latent homoseksuele echtgenoot die drinkend en bekvechtend met zijn vrouw (Elizabeth Taylor) rond hun huwelijksbed cirkelt, dat met z’n spijlen iets van een gevangenis heeft. Het leverde hem zijn[10-01-09] cool_hand_luke.jpg eerste van tien Oscarnominaties op (hij kreeg het beeldje pas in 1987 in handen voor ‘The Color of Money’). Newman was [10-01-09] butch_close.jpgeen van de coolste filmrebellen ooit in ‘Cool Hand Luke’ (1967), als een gedetineerde die weigert zich te onderwerpen aan de brute praktijken in een Zuidelijke gevangenis. En hij maakte geschiedenis aan de zijde van een ander, jonger mannelijk sexsymbool uit de jaren zestig, Robert Redford, in ‘Butch Cassidy and the Sundance Kid’ (1969), door het American Film Institute in 2007 op het lijstje van tien beste westerns geplaatst (op nummer 7).

[10-01-09] the_hustler.jpgMisschien is het hoogtepunt wel de in fraai zwart wit gedraaide, scherp geschreven en door geweldige acteurs gedragen ‘The Hustler’ (1961), met Newman als een biljartspeler-oplichter die, sigaret onafscheidelijk, in duistere achterafzaaltjes tegen zijn eigen morele grenzen aanloopt. Hij speelde pool shark ‘Fast Eddie’ Nelson nog een keer: in Martin Scorsese’s ‘The Color of Money’, als mentor van een jonge, opgewonden Tom Cruise.

Paul Newman beschouwde zichzelf als een zondagskind, hij [10-01-09] newman_courier.jpghad er zelfs een eigen term voor: ‘Newman-luck’. ‘Het gaf me de mogelijkheid heel veel randen op te zoeken zonder eroverheen te vallen.’ Behalve een geliefd en bewonderd acteur, was hij inderdaad ook op andere vlakken een succesvol mens: fervent autocoureur, politiek activist (hij nam in de jaren zestig deel aan mensenrechtendemonstraties), filantroop en maatschappelijk geëngageerd ondernemer.

In 1958 verliet hij zijn eerste gezin voor actrice Joanne Woodward met wie hij een voor Hollywoodbegrippen [10-01-09] newman_woodward.jpgonwaarschijnlijk stevig huwelijk had, dat zelden in de roddelrubrieken opdook. Hoewel Woodward zich nogal door hem overschaduwd zag, speelden ze veelvuldig samen en regisseerde hij haar ondermeer in ‘Rachel, Rachel’ (1968) en ‘The Glass Menagerie’ (1987). Met haar kreeg hij drie dochters, waaronder Nell Newman.
Een foto van vader en dochter samen, steeds in andere outfit, vormt het logo van Newman’s Own, een in 1982 opgericht bedrijf dat biologische etenswaren als pastasauzen, vruchtensappen en koekjes produceert. Hij mocht het zelf graag een ‘uit de hand gelopen grap’ noemen, Newman’s Own is uitgegroeid tot een enorm liefdadigheidsproject: de volledige opbrengsten, volgens de website inmiddels zo’n 250 miljoen dollar, gaf Newman aan goede doelen, waaronder een zomerkamp voor ernstig zieke kinderen in zijn thuisstaat Connecticut. De sladressings waarmee het destijds allemaal begon krijg je in Amerika tegenwoordig bij ’s wereld grootste hamburgerketen bij de McSalad.

[10-01-09] newman_life.jpgIn 1968 lieten Paul Newman en Joanne Woodward zich samen fotograferen voor het tijdschrift Life. Hij ligt op zijn rug op hoogpolig tapijt, zijn handen losjes onder het hoofd. Haar hoofd ligt op zijn borst, haar blonde haarlakcoupe beheerst uitwaaierend over de kleurige sixties kleren die ze dragen.
Als kind heb ik dat beeld, gepubliceerd in het fotoboek ‘Life Gaat naar de Film’, oneindig gekoesterd. Nog steeds is het een van de meest romantische glamourfoto’s die ik ooit heb gezien. Zijn knalblauwe en haar lichtbruine ogen kijken in dezelfde richting de wereld in:¨naar de camera. Godenkinderen lijken ze wel: beeldschoon, ontspannen, gelukkig, sámen. Newman verloor een van zijn drie kinderen uit zijn eerste huwelijk met Jackie Witte, Scott, aan drugs, een gebeurtenis die hem een permanent schuldgevoel zou geven. En toch lijkt die foto samen te vatten hoe Paul Newman desondanks, of misschien wel dankzij dat verlies, iets heel moois van zijn leven heeft gemaakt. Een raar idee dat die prachtige ogen nu voor altijd gesloten zijn.


[10-01-09] newman_bloot.jpgPaul Newman riep vanwege zijn atletisch bouw en mooie gezicht associaties op met klassieke Griekse sculpturen en kwam steevast voor in lijstjes van ‘mooiste mensen in de wereld’ en ‘meest sexy acteurs in de filmgeschiedenis’. Toch koos hij, geschoold volgens de method acting van Lee Strasbergs Actor’s Studio, juist dikwijls voor ruwe rollen waarin hij volledig kon opgaan.
Tot zijn mooiste films behoren:

Somebody Up There Likes Me (1956)
Cat on a Hot Tin Roof (1958)
The Hustler (1961)
Hud (1963)
Cool Hand Luke (1967)
Butch Cassidy and the Sundance Kid (1969)
The Sting (1973)
The Verdict (1982)
The Color of Money (1986)
Mr. & Mrs. Bridge (1990)
The Hudsucker Proxy (1994)
Road to Perdition (2002)


©RdL
Trouw
29 september 2008