« TV - Boven en benedenOnline grazen in het tekstlandschap »

LEVENSLESSEN: SPIJKERS & SPIJKERS

14

sep

2013


Les #1 Houd werk en privé gescheiden


Riet:
Onze ouders hadden een garage aan huis, dan krijg je als kind alle ups en down van een eigen bedrijf wel mee.
Truus: Dat was soms helemaal niet leuk.
Riet: Dan zaten we ‘s avonds te eten en dan kwam er nog een klant. Hup, daar ging mijn vader weer. Zo heb je helemaal geen privacy. Dat vind ik nu heel belangrijk, privacy.
Truus: Daarom is het fijn om in Arnhem te zitten, in een oude tassenfabriek die opgeknapt zou moeten worden, gewoon in een buurtje. In Amsterdam ben je toch bekender.
Riet: Tijdens de lunch doen we het antwoordapparaat aan en de telefoon neem ik zelden op.
Truus: Jij hebt echt een telefoonfobie opgelopen, bij ons thuis mochten we vroeger de telefoon niet opnemen. We werken wel veel, maar er zijn grenzen. Dat heb ik echt moeten leren. Een tijdlang werd het werknummer doorgeschakeld naar mijn mobiel, maar daar werd ik zo onrustig van. Dat moet je jezelf gewoon niet aandoen.
Riet: Zakelijk gezien kan alles best tot morgen wachten.

Les #2 Kies

Riet:
Het belangrijkste dat ik heb meegenomen van de Hogeschool voor de Kunsten in Arnhem is: luister alleen maar naar jezelf. Op de academie heerste het 1-naad principe: je moest alles uit één stuk maken. Dat gold als fantastisch. Ik begon daar een zekere aversie tegen te krijgen. Ik vond het helemaal niet mooi: je krijgt een gedrapeerd ding met bobbels. Zodra dat kon heb ik het 1-naad principe losgelaten.
Truus: Toen ik eindexamen deed waren de Japanse minimalisten het grote voorbeeld. Veel grijs, en alles draaide om vorm. Ik heb toen een collectie gemaakt genaamd Made in Taiwan: meer kitsch. Ik dacht: dat is toch ook mooi?
Riet: Truus houdt van kitsch en van frutsels…
Truus: … en van kleur. Ik vind kleur het leukst van dit vak.
Riet: Dat is ongeveer onze taakverdeling: ik doe vorm, Truus doet kleur.
Truus: We kregen les van een fotograaf die je leerde wat intuïtie is. Daar heb ik veel van geleerd, vooral om dicht bij mezelf te blijven. Ik kon wel volgens de norm minimalistische dingen gaan maken, maar past dat wel bij mij?
Riet: Dat is gevaarlijk aan een school met een heersende norm. Nu geven wij zelf wel eens les en ik vind het belangrijk dat ik niet mijn smaak opdring aan studenten. Ik kan iets stom of lelijk vinden…
Truus: Ik vind bijna nooit iets stom of lelijk.
Riet: Nou ja, het kan toch echt je smaak niet zijn.
Truus: Oké, maar daar moet je je niet door laten leiden als je lesgeeft.
Riet: Nee. Ik probeer er achter te komen wat iemand zelf wil maken. Dan komen studenten met een mood board met ik weet niet hoeveel plaatjes er op, en dan zeg ik: kies er nou eens drie uit die echt belangrijk voor je zijn. Dan raak je de essentie. Kíes. Dat vind ik zelf ook moeilijk hoor. Als wij met een collectie bezig zijn komen er zoveel ideeën, en dan hebben we toch ineens weer vijftig ontwerpen. Dan denk ik wel eens: was dat nou nodig?

Les #3 Ontwikkel je in je eigen tempo

Riet:
Na de academie zagen we sommige studiegenoten onmiddellijk shows in Parijs doen, die stonden dan al overal in de bladen. Wij maakten wel collecties, maar hebben jaren niet geshowd. Wij dachten wel eens: hoe dóen ze dat? Waarom duurt het bij ons zo lang? Maar tegen de tijd dat iemand ons een plekje gaf in een showroom hadden we wel wat te verkopen, en verdienden we wat geld om nieuwe dingen te maken.
Truus: Daar heb ik veel van geleerd: je moet echt zelf bouwen aan je merk, in je eigen tempo. Deze manier van werken past blijkbaar bij ons. En ik vind dat je de buitenkant, mooie bedrijfspanden enzo, los moet zien van wat iemand werkelijk doet. Neem Marlies Dekkers: dat blijkt nu toch niet zo’n solide imperium te zijn. Maar dat zegt niets over haar talent, kijk naar wat ze heeft neergezet.

Les #4 Geschiedenis herhaalt zich

Truus:
We zijn vrij snel met vlakken gaan werken. Mondriaan-achtig, De Stijl, dat waren zo de reacties. We vinden het belangrijk dat de vlakken doorlopen, dat een kledingstuk niet uit een voor- en achterkant bestaat.
Riet: Vlakken zijn wel ons ding. Er is geen enkel ander tijdperk waar ik zoveel inspiratie uithaal als uit de jaren twintig, en art deco. Dat is eigenlijk een heel futuristische stroming. Ik denk dat dat komt door de ontdekking van de piramides in Egypte en de opgraving van het graf van Toetanchamon. Veel van de stijlmiddelen uit de jaren twintig komen van hiëroglyfen en piramides. Het moet voor mensen destijds toch iets buitenaards zijn geweest, die immense driehoeken. De jaren twintig zijn ook om andere redenen een interessant tijdperk: vrouwen knipten hun haar af, gingen roken en werken.
We hebben een collectie gemaakt die was geïnspireerd op Memphis Design, een stroming uit de jaren tachtig met veel schuine lijnen, driehoeken, roze en pistache groen…
Truus: Dat heeft ook iets van art deco, maar dan op een speelse manier.

Les #5 Rotdagen vragen om een fijne jurk

Riet:
Voor ons is het heel belangrijk dat vrouwen zich fijn voelen in onze kleding. We willen vrouwen kracht meegeven. Ik maak liever een jurk waar een vrouw zich op een rotdag goed in voelt, dan zo’n sexy bloot ding waarvan vrouwen zeggen: ik moet me eerst heel goed en zelfverzekerd voelen voordat ik die jurk van mezelf aan mag.
Truus: Ik denk dat we veel rekening houden met…
Riet: … het lijf. Welke zwakke punten je ook mag hebben, een jurk moet je mooier maken. Ik zou nooit heel body conscious dingen willen maken, die heel strak zitten of heel erg je tieten laten zien.
Truus: Wij dragen zelf altijd onze kleding. Ik vind het fijn als het een beetje ruim zit om mijn billen en als er zakken zijn waar ik mijn handen in kan steken als ik me even niet op m’n gemak voel.
Riet: Zakken zijn gewoon heel handig. Onze kleding heeft ook een jeugdige spirit, dat vinden we belangrijk. We hebben heel jonge klanten, en ook oudere meisjes. Je moet je altijd jong kunnen blijven voelen. Laat vrouwen vooral alles inzetten wat ze in huis hebben. In de jaren tachtig moesten vrouwen er uitzien als mannen, met schoudervullingen enzo. Daar geloof ik niet in: probeer niet iets te zijn wat je niet bent. Ik heb het niet over slapen met je baas, of expliciet flirten, maar ik vind: speel met je appeal. Vrouwen in zuidelijke landen zijn daar beter in dan wij. In Italië zie je dat mannen ook veel charmanter zijn tegen vrouwen, ook als die ouder zijn.
Truus: Neelie Kroes vind ik een mooi voorbeeld, die zag er in de jaren tachtig een stuk mannelijker uit dan nu. Altijd prachtig, maar nu is ze veel vrouwelijker.
Riet: Bij Hillary Clinton zie je dat ook.

Les #6 Werk ethisch

Truus:
De vraag naar een tweede lijn kwam van de detaillisten. Ze merkten dat de goedkopere items in onze collecties het best liepen. Het leuke van goedkoper werken is dat we op straat overal mensen zien in onze kleding. En met onze brillen. Er komt wel eens iemand naar ons toe: ‘Ik heb er twee!’
Riet: Met goedkoper werken moet je natuurlijk wel compromissen sluiten, in stoffen, materialen. Dat is ook een uitdaging. Een ondergrens? Dat is een ethische: hoe worden je spullen gemaakt? Wij kopen zelf de stoffen in en laten alles in Europa produceren, in Roemenië en Portugal. En in Hong Kong.
Truus: Je kunt niet tot op de draad controleren waar alle grondstoffen vandaan komen, maar je kunt wel keuzes maken.
Riet: Wat er in Bangladesh is gebeurd, in die kledingfabriek, ik vind dat van de zotte. Voor een T-shirt, kom op zeg.
Truus: Het zou nog goedkoper kunnen, en minder ingewikkeld voor ons, maar het voordeel is dat we nu veel kunnen sturen. Misschien kan dat niet altijd zo blijven doorgaan, dat we zoveel zelf doen. Vanwege het tweede label ligt de hoofdlijn een beetje stil. Dat vinden we heel jammer, want daar ligt onze kracht, experimenteel zijn.
Riet: Daarom willen we groter worden. We zijn op zoek naar een partner, naar extern kapitaal, waarmee we een professionaliseringsslag zouden kunnen maken. Dan kunnen we ook andere dingen doen: schoenen, accesoires.

Les #7 Fijn om tweeling te zijn

Truus:
Er wordt vaak aan ons gerefereerd als ‘de tweeling’, ook in de familie. Onze oudere en jongere zus zijn individuen, wij zijn een blok. Omdat we zo op elkaar lijken hebben andere mensen ons altijd graag verschillende karakters toegeschreven. Ik ben dus aardiger, zachter, introverter…
Riet: Maar jij bent soms óók heel direct en uitbundig.
Truus: En als ik bijvoorbeeld iets onaardigs zeg, dan is het op de een of andere manier in de toekomst zo…
Riet: …dat ík het heb gezegd!
Truus: En als ik dat dan ontken, dan is het: wat schattig, ze neemt het voor haar zus op.
We hebben het de buitenwereld niet makkelijk gemaakt door ook nog eens samen een bedrijf te beginnen. Voor anderen is het wel eens intimiderend: wij zijn toch met z’n tweeën.
Riet: Zeggen ze dat?
Truus: Ja, dat vertellen mensen wel eens, achteraf dan. Dat ze de eerste ontmoeting intimiderend vonden. Je creëert toch een eigen taaltje. Dat merken we ook wanneer we met z’n vieren zijn, met onze partners erbij. In ons werk hebben we het wel makkelijk hoor, dat we altijd met z’n tweeën zijn. Een vriend van ons zei een keer: de dialogen die jullie met elkaar hebben, die heb ik met mezelf. Het is veel makkelijker om buiten jezelf van gedachten te kunnen wisselen.

Les #8 Kleding is er om gedragen te worden

Truus:
Máxima droeg een jurk van ons bij de opening van het Máximapark in Vleuten. Ik had niet gedacht dat ik dat zo leuk zou vinden. We hadden haar een jurk aangeboden tijdens de provinciebezoeken. Kregen we een paar weken later een telefoontje van haar assistente: we hebben twee precies dezelfde jurken. Bleken ze dezelfde jurk al te hebben besteld in een winkel, maar die paste niet. Ons exemplaar wel! Je kunt met een stylist regelen dat iemand je kleding draagt. Maar het is zoveel leuker als iemand echt zelf iets heeft gekocht.
Riet: Zangeres Lily Allen is een keer gefotografeerd in een jurk van ons. Legging eronder, en sloffen, een sigaret in haar mond, haar in de war. Zag er niet uit. Maar toch leuk.
Truus: En Trijntje Oosterhuis, op een foto met Lionel Richie.
Riet: Er is ook iemand in een jurk van ons begraven. Een jonge vrouw die zo graag die jurk wilde hebben, maar niet kon betalen. Toen heeft ze ‘m van vrienden voor haar verjaardag gekregen. Ze was toen al ziek.
Truus: Een vriendin heeft ons een foto van haar gestuurd, met de jurk.
Riet: Een jurk met een grote ster. Ja, dat vind ik een heel mooi compliment.

Tweelingzussen Riet en Truus Spijkers (1970, Bruchterveld Overijssel) richtten in 2000 hun high design modemerk Spijkers en Spijkers op en creëren sindsdien twee maal per jaar met succes een collectie: hun kleding wordt in landen als Japan, Denemarken, Engeland en de Verenigde Arabische Emiraten verkocht.

Het in Arnhem gevestigde bedrijf kreeg er in 2010 een tweede, betaalbaardere lijn bij: SIS, verkrijgbaar bij online warenhuis Wehkamp. De zussen Spijkers maakten twee collecties brilmonturen voor SpecSavers, en ontwierpen in 2012 voor het EK voetbal het Bavariajurkje V-dress, Dress voor Victory.
Vorig jaar ontvingen ze het Mode Stipendium 2013 van het Prins Bernard Cultuurfonds.



© RdL
Trouw
14 september 2013