« TV - StukTV - Minder 9/11 cliché's, graag »

TV - EEN BREED LACHENDE EUROPEAAN

31

aug

2011

Toen hij klein was werd op school zijn mond wel eens dichtgeplakt. Hij werd ook wel eens aan zijn stoel gebonden. Een pedagogisch brute aanpak van het jochie dat je nog altijd in Guy Verhofstadt herkent: de Belgische politicus is een praatgraag, beweeglijk mens. En een dankbare Zomergast.

Het eerste uur leek Jelle Brandt Corstius een beetje beduusd van de woordenstroom van zijn tafelgenoot, die van start ging met een fragment uit zijn keuzefilm 1900, Bernardo Bertolucci’s epos over twintigste-eeuws socialisme en fascisme, en vlot doorstoomde naar fraaie zwart-wit beelden van landgenoot Eddy Merckx die tijdens de Tour de France van 1969 met een schitterende zege recht deed aan de Belgische bezetenheid van wielersport.
De politicus zit zelf ook graag op een fiets op een berg. Je ziet het helemaal voor je, de wind door z’n jongensachtige haren. Maar vooral: de blik vooruit, op de einder gericht. Verhofstadt heeft een visie en praat daar graag over. Je zou hem drammerig noemen als hij niet zo verstandig en ontvankelijk overkwam.

De voormalige premier gelooft in de verenigde staten van Europa, moet niks hebben van aandelen, en meent dat de politieke onderhandelingen die zijn land eindelijk aan een regering moeten helpen, de meeste kans van slagen hebben met ‘een goede kokkin’ in de buurt. Verhofstadt liet fragmenten zien uit de speelfilm ‘Hotel Rwanda’ over de genocide van 1994, uit een speech van François Mitterand die ogenschijnlijk heel ontspannen zulke uitspraken doet als ‘nationalisme is oorlog’, en uit de documentaire ‘Inside Job’ die laat zien hoe het mogelijk is dat het maatschappelijk en economisch evenwichtige IJsland in een ernstige crisis raakte.

Helder formulerend en breed lachend betoonde hij zich een vurig Europeaan, een erudiete man die als iedere politicus graag stevig doorkletst maar ook over wijn en moderne kunst een leuke boom opzet. Verhofstadt is het soort man met wie je graag een avond aan de toog hangt en het hele leven bespreekt.
Toen er eenmaal met aandacht een fles Brunello di Montalcino uit 1995 was opentrokken, werd de sfeer aan tafel steeds gezelliger, ook al doordat Brandt Corstius, een charmant bedachtzame gespreksleider, er steeds beter in slaagde het gesprek daadwerkelijk te leiden en zijn tafelpartner hier en daar streng toe te spreken bij al te hoogdravende dromerij.

En zo kwam Verhofstadt tegen het einde terug op een eerder geformuleerde, bescheiden gedachte: als politicus verbeten streven naar een ideale samenleving heeft weinig zin, de ambitie hebben een klein stukje aan de wereld te verbeteren, des te meer.
Brandt Corstius haakte aan het einde op zijn manier in op zulke nederigheid met een persoonlijke oproep: “Ik zou het zo fijn vinden als u lid werd van de VPRO”, zei hij in de camera, want met een klein bedrag draag je al bij aan mooie publieke televisie. Gelijk heeft hij. Ik heb niemand verbeten zien streven en toch creëerden beide heren een ideale televisieavond.


© RdL
Trouw
TV Rubriek
31 augustus 2011