« Cheers - de barViktor & Rolf in New York »

JERRY SPRINGER - TOO HOT FOR TV

20

mrt

1998

Er was een tijd dat fysieke confrontaties tussen gasten van de Jerry Springer Show zorgvuldig werden weggesneden. Nu dat sinds een jaar niet meer gebeurt, zijn de kijkcijfers van Springers dagelijkse talkshow zo exorbitant gestegen dat ze vervaarlijk dicht in de buurt komen van die van Oprah Winfrey, de tot op heden onverslagen talkshow-koningin.

"Mijn show is niets anders dan leuk, schaamteloos vermaak", mag Jerry Springer graag verkondigen. Leuk is een subjectief begrip, maar schaamteloos is zijn programma zeker. Wie zich waagt aan een telefoontje naar Jerry Springers produktiekantoor wordt verwelkomd door de stem van het computerprogramma die bellers opgewekt wegwijs maakt: 'Bedriegt u uw partner en wilt u er vandoor met uw geheime liefde, toets dan een 1', 'bent u zwanger van een andere man dan uw partner en wilt u hem dat op televisie vertellen, toets dan een 2'.

Dit soort gespreksonderwerpen zijn echter niet nieuw in Springers show en als we de programmamakers mogen geloven, kwam het wel vaker voor dat mensen elkaar furieus in de haren vlogen. Maar pas sinds een jaar, met de overname van het programma door een andere eigenaar, worden ook die segmenten uitgezonden. En inmiddels gaat er nauwelijks een dag voorbij waarin Springers gasten elkaar niet naar de keel vliegen.

Commercieel gezien blijkt de Jerry Springer Show-nieuwe-stijl een slimme zet: binnen enkele maanden was zijn programma doorgedrongen in de talkshow-top, waar tot voor kort Oprah Winfrey, Rosie O'Donnell en Jenny Jones de kijkcijfers bepaalden. Dat heeft tot gevolg dat het aantal mensen dat belt om zich aan te melden voor de show significant is gestegen van 2000 naar zo'n 4000 bellers per week. Die cijfers wekken de indruk dat mensen graag komen knokken. Linda Shafran, woordvoerster van de Jerry Springer Show, tracht een en ander te nuanceren: "Mensen kijken naar de show en zien daar een podium waarop ze hun problemen kunnen bespreken en hun gevoelens ventileren."

Dat laatste is vermoedelijk het belangrijkst: sommige gasten komen het podium op en beginnen zonder introductie een ander te slaan. Het heeft er alle schijn van dat veel mensen de show aangrijpen als legitieme gelegenheid om toe te geven aan woede die ze verbaal niet kunnen (of durven) uiten. Daar komt bij dat het 'beschaafd' bespreken van persoonlijke problemen weinig zin heeft in dit programma, waar niemand een serieuze poging onderneemt ze op te lossen.
Anders dan zijn achtergrond wellicht doet vermoeden - Springer was jurist, campagnemedewerker van Robert Kennedy, burgemeester van Cincinnati en een gerespecteerd politiek commentator voor televisie - voelt de gespreksleider zich daar absoluut niet toe geroepen. Zo verklaarde hij onlangs in een interview: "Niemand komt naar ons programma voor serieuze hulp."

Hoe moeilijk het ook valt te begrijpen dat mensen deelnemen aan een show waarin ze grote kans lopen onder gejuich van het publiek letterlijk onderuit te worden gehaald, ze kiezen er bewust voor. De enige manier namelijk om aan het telefoonnummer van het produktiekantoor te komen, is het programma bekijken. Dus iedere deelnemer weet hoe het er aan toe gaat. Volgens Springer stellen de ruzies dan ook niet zoveel voor: "Op het moment zelf zijn mensen inderdaad kwaad, maar het gaat niet om zaken van leven en dood. We hebben het niet over kwesties die bijzonder ernstig zijn."

Die visie komt weliswaar overeen met zijn veelgehoorde uitspraak dat hij zelf zijn show beslist niet serieus neemt en slechts "onschuldig amusement" maakt, maar bij zijn gasten lopen de emoties ondertussen hoog op. Zo hoog, dat sommige sequenties niet op nationale televisie kunnen worden uitgezonden. Vandaar de compilatievideoband Too Hot For TV, die in september vorig jaar op de markt werd gebracht.
Waar in de reguliere show vloeken en al te grove scheldwoorden worden weggepiept en naakt met grijze blokjes onzichtbaar wordt gemaakt, daar bevat de videoband uitsluitend 'ongecensureerde' beelden. Vloeken zijn dus hoorbaar en blote borsten zichtbaar (er blijken zich nogal wat mensen, lees: vrouwen, in de show te ontkleden).

Darren Howell, producent van Real Entertainment, het bedrijf dat de compilatie Too Hot For TV maakt, noemt de band "een groot succes." Hij is bezig met de produktie van de binnenkort te verschijnen tweede band en kan alvast verklappen dat het materiaal "wilder en wilder wordt." Maar, voegt hij er geruststellend aan toe: "Er komt geen bloed in voor. Het is per slot van rekening entertainment."

Springer, in 1944 in Londen geboren in een joodse familie op de vlucht voor de nazi's, gelooft zo stellig in het Amerikaanse first amendment (het fundamentele recht op vrijheid van meningsuiting) dat hij alles zal toelaten in zijn programma, hoewel zijn voorkeur uitgaat naar controverse. Zo liet hij zich onlangs ontvallen: "Ik zal niet zeggen dat iemand die ons belt met een hartverwarmend verhaal, niet thuishoort op televisie. Maar in elk geval niet in onze show." Maar, benadrukt hij keer op keer, hij doet er niets aan om het geweld aan te wakkeren.

Het is maar hoe je het bekijkt. Weliswaar probeert hij met een jolig "kunnen jullie nou even tien seconden blijven zitten" soms enige orde in de chaos te brengen, tegelijkertijd speelt hij handig in op het feit dat de geringste prikkeling een nieuwe gewelduitbarsting kan veroorzaken. Wanneer twee vrouwen schreeuwend met elkaar converseren over het hoofd van de man die ze allebei beminnen, provoceert Springer droog: "Iemand zwanger?", wetend dat een positief antwoord op die vraag olie op het vuur betekent.
En in een aflevering waarin vrouwen hun partner bekennen dat ze als callgirl werken, blijkt tevens hun pooier te zijn uitgenodigd. Springer heeft deze man al eens eerder te gast gehad en kent hem dus als een zelfingenomen botterik die niets liever doet dan anderen opstoken. Niet zo opzienbarend dus dat na diens entree het gesprek geheel verloren gaat in emotionele scheldpartijen, geduw en gestomp.

Raakt er tijdens die schermutselingen, waarbij mensen elkaar over het podium sleuren of elkaar hun stoel toegooien, wel eens iemand gewond? "Nooit", benadrukt woordvoerster Shafran. Ze verwijst naar de zeven zware jongens die op de eerste rij zitten en op gepaste tijden - maar zelden preventief - tussen woedende gasten in gaan staan. "Dat zijn goed getrainde mensen van de politie van Chicago", voegt ze er aan toe.

De vraag dringt zich op of er grenzen zijn aan wat je mensen voor de televisiecamera's met elkaar kunt laten doen. In een samenleving waarin geweld zo'n alledaags maar verafschuwd fenomeen is, is het verbazingwekkend hoe populair Springers programma is. Tegelijkertijd beschouwt Springer zelf zijn show juist als een eerlijke afspiegeling van de werkelijkheid. In zijn final thought, de vaste evaluatie aan het eind van het programma, zei hij pas: "Ooit bestonden talkshows uit alleen praten, maar er is veel veranderd. Het publiek heeft een veel actievere rol gekregen en wil tegenwoordig steeds meer 'huid' zien. Maar zo gaat het niet alleen op televisie. We zijn gewelddadiger dan ooit, kijk maar naar de cijfers over huiselijk geweld. Dit is het léven."

Ironisch genoeg lijkt Springer de escalaties in zijn programma, die hij slechts luchtig amusement noemt, toch te willen rechtvaardigen met dit soort maatschappelijke wetenswaardigheden. Deze eventuele maatschappelijke link was eerder actueel na het 'Jenny Jones-incident' in 1995, toen een jongen een vriend vermoordde die hem in Jones' programma zijn liefde had verklaard. Deze gebeurtenis bracht veel televisiemakers tot bezinning en had tot gevolg dat veel talkshows inmiddels een minder harde lijn volgen. De Jerry Springer Show sloeg als enige een totaal andere weg in.

Shafran meent dat er geen grenzen zijn op televisie en echoot Springers motto: "Dat is het mooie van de vrijheid in dit land, iedereen mag zeggen wat ie wil." Howell ziet wel grenzen, hoewel eerder van commerciële dan morele aard: "De Too Hot For TV-tape is niet gekeurd. Maar we zullen er geen materiaal op zetten dat gewoonlijk X-rated [de keuringsaanduiding voor pornografie] zou zijn." Waarom niet? "Kijk, wij hebben onze relaties met videotheken. Dus we zullen geen materiaal op de banden zetten dat zij niet willen verhuren."

Voorlopig vaart Jerry Springer wel bij zijn controversiële programma: afgelopen jaar heeft hij zijn contract tot het jaar 2002 verlengd en de Too Hot For TV-serie zal volgens Howell worden voortgezet zolang het programma bestaat. En natuurlijk zolang het publiek de banden wil zien. Dat is immers precies de vrijheid die Springer, hoe goedkoop het ook mag klinken, ten koste van alles terecht wil verdedigen: als er geen algemene grenzen te stellen zijn dan zal iedereen die voor zichzelf moeten bepalen.

©RdL
VARA Gids
maart 1998