« Gaia, groen hotel in CaliforniëCalifornia wine turns green »

CALIFORNISCHE WIJN WORDT GROEN

5

sep

2008

Read the English version
Grote milieuvervuilers kun je ze nauwelijks noemen, toch slaan veel Californische wijnproducenten de handen ineen om de wijnbouw groener, duurzamer en schoner te maken. Richtlijnen voor minder uitstoot, slim waterverbruik, een gezonde bodem en duurzame materiaalkeuze worden aangereikt in The International Wine Industry Greenhouse Gas Accounting Protocol, waarmee wijnmakers stukje bij beetje hun bedrijf en omgeving milieuvriendelijker kunnen maken.

[12-01-09] red_barn_in_mustard.jpgWie in de winter door het Californische wijngebied Napa Valley reist, wordt vrolijk verwelkomd door velden en velden felgele bloemetjes. De druivenplanten zelf mogen er nu wat kaal bij staan, het lieflijke landschap is beeldschoon gekleurd met meterhoog mosterdgras dat overal tussen de stokken groeit.
Mosterdgras wordt net als bijvoorbeeld klaver en Californische papaver door veel wijnboeren niet bestreden maar juist gekoesterd: de plantjes verbeteren de bodemstructuur en voegen voedingsstoffen toe, trekken nuttige insecten aan en verminderen bodemerosie. De bloemenvelden zijn een indicatie voor de groene wind die door Californië waait en waarin wijnproducenten een voortrekkersrol vervullen.

Vanwege mondiale zorg over het milieu, maar vooral ook aangespoord door geëngageerde wijnmakers, stelde het California Wine Institute, in samenwerking met vergelijkbare organisaties in Nieuw-Zeeland, Zuid-Afrika en Australië, een protocol op dat wijnproducenten helpt concrete stappen te nemen richting duurzaamheid. Vanzelfsprekend kan het ook worden gebruikt door wijnmakers in de rest van de wereld.
Maar dat het initiatief vanuit de ‘nieuwe wereld’ wijnlanden komt, mag niet verbazen, vindt Paul Molleman, hoofd van de Europese afdeling van het California Wine Institute, dat zo’n 1100 wijnhuizen en aanverwante ondernemingen vertegenwoordigt. “Typisch aan de nieuwe wijnlanden is een drang tot innovatie en vooruitdenken. Dat mis ik een beetje in de oude wijnwereld. In Frankrijk denkt men toch eerder: honderd jaar geleden was het goed, zo zal het wel blijven.” Een historie van avontuurszin en hippie ethiek zal er in Californië ook iets mee te maken hebben.

Sexy
Binnen de agrarische sector vormen wijnmakers en druiventelers een voorhoede. Een Californische wijnhandelaar gaf me daar eens een mooie verklaring voor. Wijnmakers hebben een speciale band met en verantwoordelijkheid voor het land dat ze bewerken, dacht hij, omdat hun naam op het [17-01-09] fusten_frog.jpgetiket staat. Dat ligt anders bij een kweker van suikerbieten of trostomaatjes, wiens produkten anoniem of verwerkt in de supermarkt komen te liggen. Molleman gaat daar in mee, maar voegt er nog iets aan toe. “Een wijnmaker maakt een sexy, lifestyle produkt.” Imago speelt, kortom, een belangrijke rol.
Vanuit de handel komt er dan ook steeds meer vraag naar biologische wijn. De moderne kritische consument ziet natuurlijk graag een groen certificaat, ergens op het etiket.
Maar de Californische groene beweging omvat veel meer. “Ik denk dat ‘organic’ uiteindelijk minder interessant is dan duurzaam”, zegt Molleman. “Een simpel voorbeeld. Je mag organic heten wanneer je ondermeer uitsluitend natuurlijke bestrijdingsmiddelen gebruikt. Maar wat als je, om die effectief te laten zijn, zes keer met je tractor over het veld heen en weer moet? Is het niet beter om dat één keer te doen, met een middel dat man made is?” Tja, dat is een ingewikkelde discussie.

Feit is dat het Protocol, specifiek opgesteld voor de wijnindustrie, een totaal denk- en rekenpakket biedt. Met de richtlijnen in de hand bekijkt een wijnmaker de ecologische voetafdruk van zijn of haar wijnhuis op drie verschillende niveaus: directe uitstoot van werktuig in eigen beheer (tractors, plukmachines), indirecte uitstoot van gekochte energie (energiecentrales) en indirecte uitstoot van partners (flessenproducenten, transportbedrijven).
Voor zichzelf beantwoordt de deelnemer vragen als: hoeveel auto’s en tractors gebruiken we en hoeveel kilometers leggen ze af? Hoeveel energie verbruiken de generators, waterkokers en –koelers, vorstbestrijders? Wat voor kunstmest gebruik ik, bestrijden we onkruid? Wat doen we met afval en met gebruikt water? Hoeveel en wat voor soort verpakkingmaterialen gebruiken we?
In vier stappen werkt de producent naar een steeds duurzamere onderneming toe. (En wie het handboek te ingewikkeld vindt, kan overal in Californië deelnemen aan workshops)

Morele steun
Meer dan 1300 wijnmakers en druiventelers, die tezamen zo’n 53% van de totale Californische wijnproduktie vertegenwoordigen, hebben inmiddels zo’n self-assessment gedaan. “En niet omdat je daarmee een sticker in je schrift krijgt”, merkt Molleman op. “Wel omdat producenten willen weten hoe ze het best voor hun land kunnen zorgen, hoe ze efficiënt met water en brandstoffen kunnen omgaan. En daarmee kosten besparen: iedereen wil er uiteindelijk natuurlijk op verdienen.”
Niet onbelangrijk is ook het gevoel van community dat in Amerika veel sterker leeft dan in bijvoorbeeld Nederland. Saamhorigheid en uitwisseling van expertise hebben een grote rol gespeeld in het succes van de Californische wijn, meent George M. Taber in zijn boek ‘Judgment of Paris: California vs France’, waarin hij de opkomst van de Californische wijnproducerende gemeenschap beschrijft, die halverwege jaren zeventig internationale erkenning kreeg. De wijncommunity had in de eerste decennia vooral collectieve kwaliteit als doel, inmiddels vormt het groenthema als vanzelfsprekend een nieuw gemeenschappelijk belang.

[17-01-09] zonnepanelen.jpgMolleman: “De ene producent gaat dunner glas gebruiken, de ander maakt de menukaart in z’n restaurant van druivenschillen, de volgende plaatst huisjes voor uilen die schadelijke insecten eten. Mensen inspireren elkaar, nemen dingen van elkaar over.”
Eerder een grass root beweging dan een politieke ontwikkeling dus. Hoewel, de Californische wijnindustrie krijgt morele steun van gouverneur Arnold Schwarzenegger, die zich behoorlijk eco actief profileert en van plan is de uitstoot in zijn staat drastisch te reduceren: in 2010 moet die terug zijn op het niveau van 2000, in 2050 moet het met 80% zijn verminderd. Daarmee is hij een stuk vooruitstrevender dan de regering Bush.

Frog's Leap
Een van de mooiste voorbeelden van een groen Californisch wijnbedrijf is Frog’s Leap in Rutherford, in de Napa Valley. [12-01-09] frogs_leap_red_barn.jpgEigenaar John Williams begon al in de jaren tachtig biologische wijnen te maken – ver voordat dat trendy werd. Frog’s Leap werkt met ‘dry farming’, oftewel geen irrigatie. “We doen het met wat moeder natuur ons geeft”, vertelt de gids die een groepje bezoekers rondleidt door een bui die nu al drie dagen duurt. Dat klinkt onder de omstandigheden heel logisch, maar drip irrigation is de gangbare praktijk bij Californische druiventelers.
In de prachtige tuin scharrelen kippen rond en groeien sinaasappelbomen en groenten. De medewerkers eten van de tuin - die tegelijk welkome insecten moet aantrekken - maar bezoekers mogen ook mandarijnen, aardappelen, knollen en penen meenemen. Twee tuinmannen bedekken juist de aarde met compost - een van de aanbevelingen in het Protocol.

[17-01-09] 2_barns.jpgEen grote rode houten schuur, in 1884 gebouwd door een toenmalige wijnmaker, vormt nu het hart van Williams’ wijnbedrijf. In 2005 kwam er een fraai grijs houten gebouw naast te staan, voor kantoorruimte en bezoekersontvangst. Deze nieuwe constructie kreeg het certificaat ‘zilver’ volgens het beoordelingssysteem voor duurzaam bouwen LEED (Leadership in Energy and Environmental Design): bij de bouw werden milieuvriendelijke materialen gebruikt en dubbele ramen geplaatst, het hout is of FSC gecertificeerd of oud en hergebruikt.
De temperatuur in het huis wordt geregeld door middel van geothermische energie, vertelt general manager Jonah Beer. “Daar onder de parkeerplaats zit een warmwaterbron in de grond. Dat water, met een constante temperatuur van zo’n 18 graden, leiden we door het huis en dan weer terug de grond in. In de winter verwarmen we het beetje, in de zomer koelen we het iets af. Dat laatste is trouwens nauwelijks nodig, het gebouw is zo gecontrueerd dat het in de zomer koel blijft.”

Voor electriciteit is Frog’s Leap volledig aangewezen op zonnepanelen.
“Ze staan hier verderop, achter de tuin", zegt Beer. "Kom, ik laat je ze zien. Zullen we met de auto gaan?”
Met de auto? Ik kijk hem verbijsterd aan.
“Nou ja, met die regen...”, lacht hij verontschuldigend.
Ja, het regent. Maar ik ga lopen. Tussen de gele bloemetjes door.
[17-01-09] mustard_seed_1.jpg©RdL
At Zero (Business-as-it-could-be)
#2, september 2008