« Patriotisme na 9/11De psychologische klap van 9/11 »

UNION SQUARE

23

sep

2001

New York staat doorgaans gelijk aan snelheid, individualisme en hebzucht. Maar Union Square in downtown Manhattan, is sinds de ramp van 11 september uitgegroeid tot een oase van bezinning, saamhorigheid en vreedzaamheid.

Het ruiterstandbeeld van George Washington is volgeschreven met de woorden ‘love’ en ‘peace’. De laarzen van de eerste president van de Verenigde Staten zijn roze geverfd en zijn uitgestoken arm draagt nu een vlag met het vredesteken.

Daags na de aanslag op New York grensde het plein aan het gebied dat door autoriteiten was afgesloten en waar duizenden mensen naartoe stroomden. Union Square, gelegen tussen de East Village en Chelsea, buurten die veel jonge artistieke en progressieve bewoners hebben, blijkt de aangewezen plek voor mensen die niet alleen hun schrik en verdriet over het gebeurde kenbaar willen maken maar ook de situatie aangrijpen om uiting te geven aan hun ongenoegen met onverdraagzaamheid, oorlog en geweld in het algemeen.

Inmiddels is het pleintje bedolven onder een laag kaarsvet en duizenden bloemen. Overal zijn teksten als ‘Geen overhaast geweld’, ‘Geef niet Arabieren de schuld’, ‘Amerikaanse studenten willen gerechtigheid, geen wraak’, ‘Ons verdriet is geen roep om oorlog’ leesbaar. Aan een hek hangen foto’s van demonstraties die elders in de wereld zijn gehouden tegen terrorisme en voor vrede.
Een kunstenaar heeft van metaal en gaas een replica van de verloren Twin Towers gemaakt van zo’n anderhalve meter hoog, waar mensen foto’s, gedichten of gebeden in kunnen achterlaten. Een tibetaanse monnik zit, geknield met een trommel in de handen en naast een brandend wierookstokje, te zingen.

Na een regenachtige nacht die vrijwel alle vlammetjes heeft gedoofd - behalve van de kaarsen die onder paraplu’s of in kartonnen dozen schuilgaan - komen tientallen mensen in de ochtendzon weer naar het pleintje. Ze zetten nieuwe kaarsen neer, steken andere opnieuw aan en leggen verse bloemen neer. Een mooier, menselijk monument is nauwelijk voorstelbaar voor een gebeurtenis die ongetijfeld in de toekomst met diverse officiele, marmeren of betonnen monumenten zal worden herdacht.

Een buurtbewoonster met een hond zegt dat ze hier dagelijks komt. Niet alleen om de hond uit te laten, ook om troost te zoeken. “Ik heb hier vorige week een kaars neergezet. Je kunt zo weinig doen behalve geld geven. Dat is heel frustrerend. Hier kunnen mensen tenminste bij elkaar komen en hun gevoelens van liefde en verdriet uiten.“

De Amerikaanse vlag is hier veel minder prominent aanwezig dan op veel andere lokaties in de stad waar mensen bijeenkomen. “Dit is geen plek voor patriotisme, maar voor rouw” zegt Chris, een jonge dakloze die hier vanacht heeft geslapen. Hij is ontroerd door de bloemen en kaarsen maar tegelijkertijd sceptisch over de plotselinge zorg voor de burgers van New York. “Nu zijn er ineens overal opvangplaatsen voor mensen die hun huis hebben verloren of moesten verlaten. Maar waar waren die opvangplekken voor die tijd? Amerika heeft meer problemen dan alleen deze oorlog.”
Azariah, een jonge skateboarder die vlakbij woont, heeft weinig vertrouwen in de overheid of haar goede intenties. “Waarom zijn er Amerikanen gestationeerd in Saudi-Arabië? Waarom maakt Amerika zich zo druk om het midden-Oosten?” “Vanwege de olie” vult Chris hem aan.

Een jongeman die op zijn teennagels de Amerikaanse vlag heeft geschilderd, is optimistischer. Hij is tevreden met de manier waarop de Amerikaanse regering tot nu toe heeft gereageerd. “Ik had de eerste dag ook gevoelens van wraak. Maar ik begreep al snel dat het geen zin heeft om bijvoorbeeld Afghanistan te bombarderen waar al zoveel weduwen en wezen zijn. Bush heeft verstandige mensen om zich heen. En ik ben het met hem eens wanneer hij zegt ‘je staat nu of aan onze kant of tegenover ons’. Er is geen grijs gebied.”

Hij is gecharmeerd van de hippie-achtige sfeer op Union Square. “Heel jaren zestig-achtig. Het is goed dat mensen zich zo uiten. Dat is essentieel voor een rouwproces.” Tegelijkertijd is het van belang dat mensen proberen de patronen van het dagelijks leven weer op te pakken, meent hij. “Gisteren hoorde ik weer taxi’s toeteren en mensen “Ga aan de kant!’ roepen. Dat is goed, het hoort bij New York.”
Maar het zal nog heel lang duren voordat de stad weer is wat ie was. Stapje voor stapje moeten New Yorkers nu verder gaan, zegt hij. “Ik zal al blij zijn als ik een dag niet huil. Dat is me tot nu nog niet gelukt. Maar ik huil al minder dan tien keer per dag.”

©RdL
Trouw
23 september 2001