« Halloween na 9/11Vliegramp Rockaways »

GROUND ZERO NA TWEE MAANDEN

10

nov

2001

De plek die op 11 september de naam ground zero kreeg is nog steeds een gapende wond in New York. Een eind aan het onophoudelijke puinruimen is nog lang niet in zicht. Tegelijkertijd zijn er tekens dat de direkte omgeving langzaam weer overeind krabbelt.

Het massale puinruimen dat de eerste tijd primair gericht was op het vinden van overlevenden, heeft in de loop der tijd plaats gemaakt voor een veiliger en efficiëntere manier van werken. De haast waarmee reddingswerkers, brandweer- en politiemensen en medisch personeel aanvankelijk te werk gingen op de puinhopen bracht grote risico’s met zich mee. Het gevolg: honderden rijtwonden, gebroken botten, brandwonden, beschadigde ogen en kneuzingen.

Zo’n 4000 mensen die de afgelopen weken op ground zero hebben gewerkt kampen met pijn in de borst en een hardnekkige hoest die al de World Trade Center-hoest wordt genoemd. Nog steeds lopen metaalwerkers dagelijks gevaar in een omgeving waar weliswaar ordelijker wordt gewerkt, maar waar gloeiend metaal, rook, schadelijke stoffen, lawaai en schuivend puin alom aanwezig zijn.
Afgelopen week liet burgemeester Rudolph Giuliani weten dat om veiligheidsredenen het aantal medewerkers van politie en brandweer, die thans als belangrijkste taak hebben in kleine groepjes te zoeken naar menselijke resten, tot ongeveer een derde (24 van ieder corps) te reduceren.
.
Het besluit mag door bezorgdheid zijn ingegeven, het is vooral bij brandweerlieden hard aangekomen. Ground zero is voor hen in eerste instantie de plek waar nog steeds 250 van hun collega’s worden vermist en ze beschouwen het dan ook als hun morele plicht zo lang en zorgvuldig mogelijk te blijven zoeken naar de resten van de gevallenen.
De emoties liepen vorige week hoog op tijdens een demonstratie waarbij enkele brandweermensen slaags raakten met politieagenten en er zelfs mensen werden gearresteerd. Sommigen lieten weten Giuliani’s argumentatie niet te vertrouwen. Zij beweren dat de burgemeester simpelweg de vaart er in wil zetten en de puinhopen voor het einde van zijn ambtstermijn, eind december, opgeruimd wil zien.

Als er al sprake is van haast dan is daar op z’n minst een goede praktische reden voor: de naderende winter zal de werkzaamheden er niet gemakkelijker of veiliger op maken. Hoe het ook zij, het accent van de aktiviteiten op de plek van de ramp is verschoven. Enkele weken geleden waren sloopwerkzaamheden op ground zero niet voorstelbaar. Nu kunnen passanten en nieuwsgierige toeristen met eigen ogen zien hoe een kraan met een sloopbal de restanten van een van de gebouwen met ferm gebeuk verdieping voor verdieping met de grond gelijk maakt.

Wie de weliswaar slinkende maar nog altijd immense puinhopen van de Twin Towers bekijkt, kan zich nauwelijks voorstellen dat er nog iets over is van de ruimtes onder het World Trade Center-complex. Maar dat is wel het geval. Tot grote verrassing van New Yorkers werden vorige week enkele metrolijnen nabij het rampgebied heropend, veel eerder dan aanvankelijk gedacht. Slechts een lijn is nog steeds gesloten en zal dat vermoedelijk nog een jaar blijven.

Enkele dagen geleden kwam The New York Times met een opmerkelijk bericht over de onderaardse wereld van het WTC. De meeste New Yorkers mogen er nooit van geweten hebben, maar onder het complex lagen immense kelders, opslagruimtes en kluizen verborgen. De geheime dienst bijvoorbeeld had er diverse voertuigen staan, waaronder een gepantserde limousine die zo goed beschermd werd dat de wagen nog geen krasje opliep bij de bomaanslag in 1993.
De CIA en het Bureau of Alcohol, Tobacco and Firearms hadden er ruimtes in gebruik, ondermeer voor de opslag van ingenomen wapens. Van een aantal kelders is de conditie niet bekend. Maar de kluizen van de Bank of Nova Scotia onder het ingestorte 4 World Trade Center zijn intact. De bank had daar zilver en goud opgeslagen met een totaalwaarde van zo’n 200 miljoen dollar. Men is nu bezig de schatten te verplaatsen naar een veiliger onderkomen.

Dit soort bedrijvigheden gaan uiteraard voorbij aan de toeristen die de plaats des onheils in aanzienlijke getalen bezoeken. Ground zero is een macabere trekpleister geworden voor bezoekers die de ravage, zelfs na alle beelden die door media de hele wereld zijn overgestuurd, met eigen ogen willen zien. Op een aantal plekken, waar de afstand tot de zwartgeblakerde overblijfselen nauwelijks honderd meter telt, becommentariëren steevast tientallen mensen in uiteenlopende talen het grauwe uitzicht.
Aan de hekken van St. Paul’s Chapel, die grenst aan het rampgebied, laten ze teksten als ‘California loves NY’, ‘The British are with you’ en ‘In Gedanken an alle Opfer’ achter. Of een T-shirt met ‘Holland loves New York’.

De bezoekers dragen bij aan een zekere levendigheid die naar de omliggende straten begint terug te keren. Sommige eettentjes zitten rond lunchtijd als vanouds stampvol, ondanks het feit dat voetgangers zich met het grootste geduld een weg moeten zien te banen over loopplanken, langs politieversperringen en opbrekingen van de electriciteits- en telefoonbedrijven.
Andere hebben weliswaar meer moeite klanten binnen te krijgen maar geven in elk geval blijk van daadkracht en energie: twee moeilijk bereikbare restaurants laten middels een spoor van borden weten dat ze weer open zijn. Gevels en puien bedekt onder het stof zijn hier en daar nog te zien, maar zijn inmiddels eerder uitzondering dan regel.

Als het aan de opsteller van een aan lantarenpalen en hekken bevestigde petitie ligt, is het trouwens binnenkort afgelopen met ground zero. In de petitie wordt gesteld dat het welletjes is geweest met die deprimerende benaming en wordt gesuggereerd Amerika’s meest beruchte plek vanaf nu ground of heroes te noemen.

©RdL
Trouw
10 november 2001